+3,3 punten BSK en minder ‘gedoe’

Een nieuw product dat de negatieve energiebalans grotendeels compenseert. Dat klinkt aantrekkelijk, maar hoe pakt dat uit in de praktijk? Namens TheTransitionCompany voerde HAS student Sander Stuij een proef uit op 4 melkveebedrijven. De resultaten: +3,3 punten BSK en minder gedoe

De praktijktests vonden plaats op vier melkveebedrijven, verspreid over het land: Baak (Gld), Giethoorn (Ov), Ottoland (ZH) en Zeewolde (Fl). De proefbedrijven hebben een omvang van 120 tot 240 melkkoeien. Het zijn bedrijven met een hoge productie per koe: 10.000 tot 13.000 kg per lactatie. Op deze bedrijven heeft Sander Stuij van HAS Hogeschool Den Bosch het effect gemeten van een pensbestendig glucose (GluNergy) in combinatie met choline (CholiTarget).

 

Stijging BSK +3,3 punten

Uit zijn resultaten blijkt dat de gemiddelde productie in de opstartgroep stijgt vanaf het moment dat GluNergy wordt toegevoegd. Gedurende de onderzoeksperiode stijgt het BSK van de koeien in de opstartgroepen 3,3 punten, van ruim 53 naar 56,5 (zie grafiek 1).

Voor TheTransitionCompany zijn deze meetgegevens het tastbare bewijs dat het opstartconcept op basis van GluNergy werkt. De uitkomsten overtreffen zelfs de verwachtingen. Bovendien laten de metingen van Sander zien dat er een gunstig effect is op de gezondheid.

 

Gemiddelde productie verloop in kg melk en BSK

Conditie verbetert

Een regelmatige bepaling van de conditiescore (BCS) laat zien dat de koeien ondanks de stijgende productie goed op gewicht blijven. Normaal gesproken is een veehouder al tevreden als koeien niet te veel interen tijdens de opstart. In deze proef met GluNergy en CholiTarget blijken de koeien zelfs te groeien: de BCS stijgt. Op 1 van de 4 bedrijven zijn de koeien gewogen, hier neemt het gewicht toe (tabel 1).

Gewicht en BCS op proefbedrijven

Op één van de vier praktijkbedrijven beschikte Sander over resultaten van een elektronische melkmeting. Daaruit blijkt dat het gehalte BHB (ketonlichaam dat slepende melkziekte veroorzaakt) scherp daalt vanaf het moment dat de proef start (zie grafiek 2).

 

Dosering

De HAS-student heeft in zijn onderzoek gevarieerd met de dosering. Hij deelde de proefperiode daarvoor op in vier delen. Tijdens het eerste tijdvak gaf hij alleen 200 g GluNergy, in de drie blokken daarna voegde hij 25 g CholiTarget toe. Ook in de hoeveelheid GluNergy varieerde hij: 200 gram in tijdvak 1 en 2, 225 gram in tijdvak 3 en 175 gram in het laatste tijdvak. Uit de resultaten blijkt dat een toevoeging van uitsluitend GluNergy al effect heeft, maar dat CholiTarget het effect veel sterker maakt. Verder blijkt op basis van deze proef dat 200 gram GluNergy de optimale dosering is.

 

Verrast door effect op gezondheid

De deelnemende veehouders zijn verrast door de uitkomsten. Ze zijn blij met de extra liters en tonen zich vooral enthousiast over het effect op de conditie en de gezondheid van de dieren in de opstart. Of, zoals een van deelnemende melkveehouders verwoordt: “We halen een hogere productie en hebben minder gedoe.”

 

Resultaten praktijkproef

  • Positief effect op de melkproductie: BSK +3,3 punten
  • Minder risico op ketose, dalende BHB
  • Hogere conditiescore tijdens opstart

Over Sander Stuij

Sander is afstuderend student op de HAS Hogeschool Den Bosch (moment van schrijven: jaar 2020), werkzaam op de melkveehouderij van zijn ouders en werkzaam voor TheTransitionCompany.